La caractéristique ........ (van de berk) est son écorce qui devient blanche en vieillissant.
Notre voisin met toujours des chemises ........ (kersenkleurige).
Voilà la quiche que j'ai ........ (laten) cuire.

Hoe zeg je op een heel beleefde manier dat 'je iets best zou willen' ?
Désirer = (iets) wensen.
J'insiste = ik dring aan
'À vos souhaits' kun je zeggen als iemand niest; maar niet 'à mes souhaits'.
'Je veux cela' geeft wel aan dat je iets wilt, maar het is erg direct, dus niet erg beleefd.
'Cela ne me déplairait pas' is een litotes, een stijlfiguur. Doordat je het omgekeerde ontkent, wordt de bewering juist sterker.