MOB-versie | Naar grote versie






bijwoord

les adverbes

 

 

De hoofdregel is:

Het bijwoord wordt afgeleid van het vriuwelijk bijvoeglijk naamwoord.: je zet dan  '-ment' achter het bijvoeglijk naamwoord.

Voorbeelden:

  • (serieus) sérieuse > sérieusement
  • (natuurlijk) naturelle > naturellement
  • (waarschijnlijk) vraisemblable (M/F) > vraisemblablement
  • (vrolijk) gaie > gaiement
  • (snel) rapide > rapidement (maar ook: vite)

Eindigt het bijvoeglijk naamwoord op '-ent', dan eindigt het bijwoord op '-emment':

  • (duidelijk) évident - évidemment                                                              Uitzondering: (langzaam) lente > lentement

Eindigt het bijvoeglijk naamwoord op '-ant', dan eindigt het bijwoord op '-amment':

  • (overvloedig) abondant - abondamment

Enkele onregelmatige bijwoorden:

  • (goed) bon - bien
    Il travaille bien.
  • (beter) meilleur - mieux
    Il étudie mieux.
  • (slecht) mauvais - mal
    Il cuisine mal.
  • (vrolijk) gai - gaiement
    Il chante gaiement.
  • (vriendelijk) gentil - gentiment
    Il rit gentiment
  • (lang (van tijd)) long - longtemps                                                                      Ça va durer longtemps.


 

Uitdrukkingen met een bijvoeglijk naamwoord in plaats van een bijwoord

 

travailler dur - hard werken

coûter cher - veel kosten

payer cher - er veel voorbetalen

parler haut/bas - hard/zacht praten

sentir bon/sentir mauvais - lekker ruiken/stinken

 

Bijvoorbeeld: 

Une voiture électrique coûte cher.

Hmm, ce parfum sent bon.

Elle a travaillé dur pour son examen.

 

Er zijn ook nogal wat bijwoorden die niet direct afgeleid zijn van bijvoeglijke naamwoorden .

 

Voorbeelden:


jadis/autrefois = vroeger

beaucoup = veel

encore = nog

partout = overal

à l'instar de = net zoals

 

NB

Bijwoorden komen gewoonlijk na het voltooid deelwoord.

Nous avons cherché partout sans le trouver.